Veilige bevestiging van leidingen: Opvang van lengteveranderingen

Veilige bevestiging van leidingen: Opvang van lengteveranderingen

Afhankelijk van het materiaal en de externe omstandigheden verschilt de uitzetting van leidingsystemen. Dit is afhankelijk van de temperatuur van het doorstromende medium en het leidingmateriaal. Een 30 meter lange roestvaststalen leiding zet bij een temperatuurverschil van 100° C bijna vijf centimeter uit. Met dergelijke lengteveranderingen moet tijdens de installatie rekening worden gehouden en dienen deze te worden opgevangen. Want alleen op die manier kan mogelijke schade zoals het verdraaien of afbreken van leidingen worden voorkomen. Dit kan allereerst worden bereikt door het bepalen van de juiste afstand van de bevestigingspunten (buisklemmen). Bovendien wordt het gebruik van natuurlijke expansiemiddelen aanbevolen ter compensatie van de lengteverandering
 
 
Werking van natuurlijke expansiemiddelen om lengteveranderingen op te vangen:
De meest voorkomende manieren om een de verandering in de lengte op te vangen, zijn de installatie van een L-expansiestuk (zie afbeelding rechts) of een U-expansiebocht (zie foto links).
  • Wordt een L-expansiestuk gebruikt, dan maakt het glijpunt in de horizontale component een lineaire uitzetting mogelijk. In de verticale component fixeert het vaste punt als een steun het korte deel van de leiding. Dit maakt uitzetting mogelijk zonder de leiding of het vaste punt te beschadigen.
  • Bij een U-expansiebocht laten de glijpunten de gecontroleerde beweging voor de opvang van de uitzetting toe. De lengtes van de componenten worden hierbij berekend als functie van de uitzetting.

In beide gevallen houden de vaste punten de leiding op zijn plaats. Door de glijpunten en geïnstalleerde expansiemiddelen blijven de leidingen tegelijkertijd flexibel. Ze kunt zich altijd uitzetten zonder het leidingsysteem te beschadigen.